Naar de hoofdinhoud gaan
Terug naar het overzicht

Vloerafvoeren en goten van rvs

Overzicht

Voor de afwatering van natte ruimtes, horeca-, voedingsmiddelen-, slagerij- en industriële bedrijven biedt ons roestvrijstalen assortiment functionele oplossingen voor elk toepassingsgebied. Er is een groot aantal in de praktijk beproefde systemen beschikbaar, die uit ons modulaire systeem kunnen worden samengesteld en gecombineerd. De basiscomponenten zijn daarbij:   

  • RVS-vloerafvoeren  
  • RVS-vloerbakken  
  • RVS-bakgooten  
  • RVS-sleufgoten   

Het gebruikte materiaal, rvs 1.4301 (V2A) of 1.4571 V4A, voldoet volledig aan de EG-voorschriften voor levensmiddelenverwerkende bedrijven en garandeert, in combinatie met bijzonder stabiele constructies en vakkundige verwerking, een functioneel onberispelijk gebruik. Onze roestafdekkingen voldoen aan DIN 1253-1.   

Afvoergoten en vloerbakken

Overal waar veel afvalwater ontstaat en de bedrijfsvoering en werkprocessen niet mogen worden verstoord, moet het afvalwater via goten of vloerbakken naar de afvoer worden geleid en geledigd. Bij grote hoeveelheden afvalwater met grove vuildeeltjes (bijv. in grootkeukens) zijn bakgoten en vloerbakken geschikt. Sleufgoten zijn geschikt in ruimtes met minder vuildeeltjes en waar vaak verkeer wordt verwacht.  

Afdichting van roestvrijstalen afvoeren, goten en bakken

Oppervlakken in commercieel gebruikte keukens worden algemeen ingedeeld in de waterbelastingklasse W2-I of W3-I, met bijkomende chemische belasting. De uitvoering van de afdichtingswerkzaamheden is gebaseerd op de bepalingen van DIN 18534 „Afdichting van binnenruimten“. Tegen deze achtergrond is het een basisvoorwaarde dat hier uitsluitend vochtbestendige ondergronden aanwezig zijn (bijv. een cementdekvloer op de vloer en cementgipsplaten). 

Gipsplaat is niet toegestaan. Voor doorvoeren, met name in de vloerzone, wordt verondersteld dat deze over passende aansluitmogelijkheden voor composietafdichtingen in het geheel beschikken. Thermisch zwaar belaste goten moeten zo worden voorbereid dat de composietafdichting eronder kan worden doorgevoerd, d.w.z. de dekvloer moet hier dienovereenkomstig worden uitgehold. Indien een afdichting volgens DIN 18534-2 onder de dekvloer moet worden aangebracht, moeten de aansluitdetails, met name in het wandgebied, op de juiste wijze worden gepland.  

Principes van composietafdichting

  • De keuze van de afdichting en de ondergronden gebeurt volgens de voorschriften van DIN 18534 – Afdichting van binnenruimten – van juli 2017 
  • De ondergrond moet geschikt zijn (geschikt bouwmateriaal, vlak, droog, draagkrachtig en scheurvrij; de oppervlakte moet een goede hechting bieden voor de aan te brengen lagen) 
  • Alle materialen moeten aan de omgevingstemperatuur zijn aangepast en de verwerkingstemperaturen moeten worden aangehouden 
  • Gebruik alleen goedgekeurde afdichtingsmaterialen (goedkeuringen volgens Ü-keurmerk, abP, ETA en/of DIN EN 12004) 
  • In direct belaste zones (zoals de wanden in de doucheruimte en gelijkvloerse douchevlakken) moeten vloer- en wandoppervlakken in principe worden voorzien van een afdichting 
  • Kies geschikte afdichtingsmaterialen op basis van de aanwezige ondergronden en waterbelastingklassen (zie hiervoor: DIN 18534) 
  • Breng de afdichtingslaag zonder onderbrekingen aan volgens de instructies van de fabrikant (minimaal twee bewerkingen/lagen) 
  • Houd rekening met de minimale droogtijden van de afzonderlijke lagen 
  • Voor de aansluiting op de composietafdichting mogen alleen vloerafvoeren met een lijmflens worden gebruikt
  • Afdichting van dilatatievoegen / randvoegen 
  • Gebruik een inleg van vlies, weefsel of folie zodat geplande bewegingen van de bouwdelen kunnen worden opgevangen. 
  • Gebruik uitsluitend geteste afdichtingsbanden / manchetten 

Flensvarianten

Bij het ontwerpen van afwateringscomponenten van rvs moet bijzondere aandacht worden besteed aan de aansluiting tussen de afdichting en de vloergoot of het opzetstuk. Verschillende flensvarianten zorgen voor oplossingen die voldoen aan de aansluit- en normvoorschriften voor de betreffende vloerbedekking. 

Roestvrijstalen goot met lijmflens, flenshoogte 15 mm

Lijmflens, flenshoogte 15 mm

Voor aansluiting op afdichtingssystemen met platen en tegels (volgens DIN 18534 met een flens van 50 mm).

Roestvrijstalen goot met lijmflens, flenshoogte 6 mm

Lijmflens, flenshoogte 6 mm

Voor verwerking in vloercoatingen (bijv. epoxyhars).

Roestvrijstalen goot met aansluitbeugel voor tegels

Tegelaansluitbeugel

Voor gebruik bij thermische belasting van de goot.

Roestvrijstalen goot zonder flens

Zonder flens

zandstrooien

Vooral bij aansluiting op vloercoatingen (bijv. epoxyhars) is het raadzaam om de flenzen van roestvrijstalen afwateringsgoten of -afvoeren te zanden, zodat ze beter hechten aan de omringende vloerbedekking en de ondergrond. Door het zandstralen wordt de ruwheid van de oppervlakte aanzienlijk vergroot, waardoor de hechting aan de ondergrond of aan de aangrenzende vloerbedekking of de dunbedafdichting onder de vloerbedekking wordt verbeterd.  

De coating is bovendien bestand tegen zouten, zuren, logen, diverse oplosmiddelen en vele andere stoffen. Verder kan de coating ook worden toegepast in gevoelige omgevingen, zoals ziekenhuizen of voedingsmiddelen- en farmaceutische bedrijven.

Suggesties voor planning en inbouw

Roestvrijstalen goot met lijmflens van 15 mm voor tegelvloeren


  1 Tegels en voegen, incl. tegellijm
2 Composietafdichting volgens DIN 18534-1
3 Cementdekvloer
4 Scheidingslaag
5 Isolatie
6 Afdichtingsfolie / scheidingslaag ≥ 1,5 mm volgens DIN 18534-2
7 Beton
8 Bij doorbraken / vloerconstructies indien nodig brandveiligheid in acht nemen
9 Capillaire afdichting met reactiehars
10 Voegkit met geslotencellige vulkoord

Roestvrijstalen goot met lijmflens van 6 mm voor een coating van reactiehars


1 Reactieharslaag
2 Composietafdichting volgens DIN 18534-1
3 Vloerzand
4 Scheidingslaag
5 Isolatie
6 Afdichtingsfolie / scheidingslaag ≥ 1,5 mm volgens DIN 18534-2
7 Beton
8 Bij doorbraak / vloeropbouw indien nodig rekening houden met
brandveiligheid 9 Capillaire afdichting met reactiehars

Roestvrijstalen goot met thermische belasting


  1 Tegels en voegen
2 Tegellijm
3 composietafdichting volgens DIN 18534-1
4 Cementdekvloer
5 Scheidingslaag
6 Isolatie
7 Afdichtingsfolie / scheidingslaag ≥ 1,5 mm volgens DIN 18534-2
8 Beton
9 Tegelaansluitbeugel
10 Capillairdichte afdichting met reactiehars
11 Voegkit met gesloten-cel achtervulkoord
12 Bij doorbraak / vloerconstructie indien nodig brandveiligheid in acht nemen

Roestvrijstalen goot zonder lijmflens voor tegelvloeren


  1 Tegels en voegen
2 Tegellijm
3 Composietafdichting volgens DIN 18534-1
4 Cementdekvloer
5 Scheidingslaag
6 Isolatie
7 Beton
8 Capillaire afdichting van bouwhars en kwartszand
9 Opvulling met een elastische of starre afdichtingsmassa, afhankelijk van de eisen van de bouwdeelafmetingen
10 Bij doorbraken / vloerconstructies indien nodig rekening houden met brandveiligheid