Naar de hoofdinhoud gaan
Terug naar het overzicht

Wat mag via een opvoerinstallatie worden afgevoerd?

Normen en voorschriften volgens DIN 1986-100 en DIN EN 12056-4

Soorten afvalwater

Via een opvoerinstallatie kunnen verschillende soorten afvalwater worden afgevoerd:

  • Regenwater dat bijvoorbeeld via daken en andere gebouwoppervlakken wordt opgevangen
  • Afvalwater, dat bestaat uit al het afvalwater dat in
    een pand wordt geproduceerd:- Grijs water: afvalwater
    zonder fecaliën- Zwart water: afvalwater dat fecaliën bevat 

Regelconforme afwatering van gebouwen

Vanuit het oogpunt van de technische voorschriften wordt er een onderscheid gemaakt 

  • binnen en buiten gebouwen
  • in de openbare en niet-openbare ruimte 

DIN 1986-100 bepaalt dat afvoerpunten boven het terugstuwniveau door middel van zwaartekracht moeten worden afgevoerd en niet in opvoerinstallaties mogen worden geleid. Alleen in gevallen waarin het verval naar het riool onvoldoende is, mag het via afvalwateropvoerinstallaties worden afgevoerd. 

DIN EN 12056-4 schrijft voor dat afvoerpunten onder het terugstuwniveau moeten worden beveiligd tegen Terugstuw door automatisch werkende afvalwaterhefinstallaties met een terugstuwlus. Onder bepaalde voorwaarden kunnen volgens DIN EN 13564-1 ook terugstuwbeveiligingen worden gebruikt. Met name voor opvoerinstallaties geldt dat een dubbele opvoerinstallatie overeenkomstig de toepassing volgens DIN EN 12050-1 resp. DIN EN 12050-2 moet worden geïnstalleerd, indien de afvalwaterstroom niet mag worden onderbroken. De tweede pomp verbetert de bedrijfszekerheid.