Wanneer moet een vetafscheider worden beveiligd tegen Terugstuw?
Als het waterpeil in een vetafscheider onder het terugstuwniveau ligt, stroomt bij terugstuw rioolwater via de afscheidingsbak terug in de toevoerleiding. Van daaruit stroomt het uit alle afvoerpunten die eveneens onder het terugstuwniveau liggen. Tegelijkertijd worden vetten, oliën en afvalwater met fecaliën in de tank naar boven gedrukt en in het ergste geval door de afdichtingen van de afscheiderinstallatie naar buiten. Daarom moeten dergelijke vetafscheiders volgens DIN EN 1825-2 worden afgevoerd via een nageschakelde terugstroombeveiliging.
Zo worden vetafscheiders beveiligd tegen terugstuwing
De beveiliging van vetafscheiders tegen terugstuwing gebeurt door middel van pomptechniek. Afhankelijk van de toepassing komen verschillende soorten installaties in aanmerking, die elk moeten zijn uitgerust met een netonafhankelijk waarschuwingssysteem voor het melden van storingen. Voor de afwatering van een in de grond ingebouwde vetafscheider wordt de terugstuwbeveiliging in een schacht geplaatst.
Zo worden vetafscheiders beveiligd met hybride opvoerinstallaties
Als er een natuurlijk verval aanwezig is, kan de vetafscheider ook worden beveiligd met een hybride opvoerinstallatie. De hybride opvoerinstallatie pompt alleen bij Terugstuw, waardoor energie wordt bespaard en de hoogst mogelijke bedrijfszekerheid wordt gegarandeerd. Hiermee profiteert u van talrijke voordelen:
- Afvalwaterafvoer, ook bij terugstuwing uit het riool
- Afvalwater stroomt via het natuurlijke verval van de riolering
- Netonafhankelijke terugstroombewaking door batterijvoeding
- Halfjaarlijks onderhoud, lage onderhoudskosten
- Geen bedrijfsonderbreking bij stroomuitval
- Geen afzettingen, omdat er geen opvangtank aanwezig is










