
Ruimtes waarvoor geen eisen ten aanzien van de afdichting gelden
Voor vloerafvoeren die onder waterdichte vloerbedekkingen of in bepaalde kelderruimtes worden geplaatst waar geen vocht voorkomt, is geen speciale afdichting nodig. Dit geldt zowel voor PVC- en linoleumvloeren als voor ruimtes volgens DIN 18534, waterbelastingklasse W0-I / W1-I.
Volgens DIN 18534 kan alleen worden afgezien van afdichtingen als de volgende punten van toepassing zijn.
- Op wandoppervlakken bij matige waterbelasting (W1-I), indien er vochtongevoelige ondergronden aanwezig zijn die voldoende vochtbescherming kunnen garanderen en huishoudelijk water niet in vochtongevoelige bouwdelen (bijv. isolatielagen) kan binnendringen (doorvoeringen en rand- en aansluitvoegen moeten permanent tegen het binnendringen van water worden beschermd)
- Bij geringe blootstelling aan water (W0-I), mits er waterafstotende oppervlakten aanwezig zijn die voldoende bescherming bieden
- In ruimtes waar geen spatten van water te verwachten zijn
Het aanbrengen van een vloerafdichting

1. De vloerbedekking vastlijmen
Breng lijm aan en leg de vloerbedekking over het correct uitgelijnde opzetstuk.

2. Uitsnijden
Snijd de vloerbedekking ter hoogte van de afvoeropening uit.

3. Inpersen
De vloerbedekking met behulp van een klemverbinding vastdrukken.

2. Stankslot st.sl.
3. Opzetstuk
Afdichting in ruimtes zonder afdichtingsbaan
In kelderruimtes zonder afdichtingsbaan in de vloerplaat kan de afzonderlijke afdichting van afvoeren onder bepaalde omstandigheden achterwege blijven. Voorwaarde hiervoor is dat een zekere luchtvochtigheid aanvaardbaar is en dat het watertransport door de vloerplaat voldoende wordt beperkt door een onderliggende, minimaal 150 mm dikke capillaire barrière (k > 10⁻⁴ m/s).
Installatie van een kelderafvoer zonder afdichting

1. Sluit de afvoer aan
Sluit de afvoeraansluiting aan op de afvoerleiding.

2. De positie vastzetten
Zet de afvoer indien nodig vast en voer de bevestiging van de afvoerleiding met manchetten uit.

3. De vloerplaat storten
De vloerplaat storten om vervolgens de vloerconstructie af te werken.




